Jeroen Akkermans

Pixie, het elfje op mijn schouders

13 december 2021 05:56

Als de naam Dragan Stojkovich valt, volgt meestal een glimlach. In Servië en omstreken is de naam zo magisch als Johan Cruijff in Nederland. Elke Serviër kent en waardeert hem. De Dragan Stojkovich die naast mij zit in de auto is een naamgenoot. Iedereen noemt hem Pixie, naar het koosnaampje van de voormalige stervoetballer van Rode Ster Belgrado en Olympique Marseille. De variant van de Pixie waarmee ik bevriend ben, is het elfje dat strooit met geluk.

Journalisten die zich, zoals ik, laten onderdompelen in een land, vertrouwen op lokale producers die de weg goed kennen en de taal spreken. Ik kan nog zo vaak naar landen als Roemenië, Servië, Polen, Belarus of Oekraïne reizen, maar ik heb niet de illusie dat ik die landen tot in de vezels ken. Ik moet de nodige kennis lenen van fixers als Dima, Anja, Mihai, Sasha of Augustinas. Zij zijn voor mij onmisbare, betrouwbare en goed geïnformeerde tolken met een zee aan contacten in hun land. Als het even kan, is Pixie mijn wegwijzer op de Balkan.

Vlak vóór de inslag van de 'precisiebom' ging hij op de bovenste verdieping met een paar collega's klaverjassen. Zestien collega's die achterbleven op de redactie waren op slag dood.

We hebben elkaar leren kennen in een tijd dat de huidige pro-Europese president Aleksandar Vucic van Servië diende als een anti-westerse minister van propaganda onder president Slobodan Milosevic. Eind jaren negentig was de grens van de minimale persvrijheid in Servië afhankelijk van zijn duim.  

In 1999 voerden NAVO-vliegtuigen 78 dagen lang bombardementen uit op Servische stellingen om dictator Milosevic op zijn knieën te dwingen. Bij één van die bombardementen had de NAVO-alliantie de propagandazender van Milosevic bewust als doelwit gekozen. Pixie werkte de fatale nacht als producer in de tv-studio en dankte zijn leven aan een pak kaarten. Vlak vóór de inslag van de 'precisiebom' ging hij op de bovenste verdieping met een paar collega's klaverjassen. Zestien collega's die achterbleven op de redactie waren op slag dood.

Na de bloedige oorlog keerde Pixie weer terug naar zijn vaderland. "Serviërs zijn full of shit, maar ik ben ook een Serviër.

Een paar weken na het bombardement bracht het lot ons bij elkaar in Belgrado. Pixie straalde energie, vertrouwen en optimisme uit. Een groot mens, innemend, met een grote mond, niet bang en vredelievend. Mijn jonge generatiegenoot had toen al een heel leven achter zich.

Want al zijn karaktereigenschappen waren gevraagd om aan de bloedige veldtocht van 'zijn' president Milosevic te ontsnappen. Milosevic probeerde het toenmalige Joegoslavië onder het Servische juk te houden en zocht jongens als Pixie om in zijn leger te dienen. Pixie weigerde. De politie stond al voor zijn deur, maar toen was het elfje net gevlogen naar Zuid-Afrika. Pixie wilde geen bloed aan zijn handen.

Maar hij kampte al snel met heimwee. Na de bloedige oorlog keerde Pixie weer terug naar zijn vaderland. "Serviërs zijn full of shit, maar ik ben ook een Serviër." In het belegerde Belgrado leefde hij onder de radar maar wist feilloos hoe de duim van Vucic was te omzeilen zodat we toch de verhalen over burgers in het nauw, de arrogantie van de macht of de waanzin van de dag konden vertellen.

Ik beweer dat alleen de Pixie-legende ervoor verantwoordelijk is geweest om de manager van een ontoegankelijk socialistisch staatsbedrijf binnen tien minuten voor de camera te krijgen.

Dat doen we nog steeds. Het geheim van zijn magie is het geluk dat ergens aan zijn broek hangt in combinatie met praktische vaardigheden. Natuurlijk, eerst is er de pech zoals die ons allemaal kan overkomen. In de duisternis, rijdend door de bergen begint het noodweer. De stortregen weekt vuistdikke stenen uit de rotswanden los die Pixie telkens knap weet te omzeilen. Maar het lelijke gat in de weg ziet zelfs het elfje niet aankomen. Door de klapband belandt de auto korter dan een tel op de verkeerde weghelft en scheert langs een voorbijrazende vrachtwagen. Pixie weet de auto veilig aan de kant te zetten. Bijna achteloos doet hij de bandenwissel met de snelheid en ervaring van iemand die is opgegroeid met gaten in de weg. Over leven wil hij niet al te moeilijk doen.   

Ook in buurland Bosnië volstaat zijn naam om het onmogelijke mogelijk te maken. Ik beweer dat alleen de Pixie-legende ervoor verantwoordelijk is geweest om de manager van een ontoegankelijk socialistisch staatsbedrijf binnen tien minuten voor de camera te krijgen. We lijken na binnenkomst al te stranden in een enorme receptieruimte die is ontworpen om bezoekers te kleineren. Het baliepersoneel benadert ons als hooligans. Als de manager erbij geroepen wordt, houd ik mijn hart vast. Maar het elfje is ons al vooruitgesneld. De manager richt zich meteen tot Pixie. "U heet echt Dragan 'Pixie' Stojkovic? Ik ben altijd fan van Rode Ster Belgrado geweest." Op dat moment weet Pixie dat hij ijzer met handen kan breken.

Pas als hij zich omdraait en een vergeten RTL Nieuws-logo op zijn rug toont, heeft hij onze aandacht.

Een paar dagen en reportages verder, in Servië, Bosnië en Montenegro, scheiden onze wegen weer. Cameraman Norbert en ik reizen terug naar Berlijn en Pixie heeft een grote klus in Belgrado. Hij is tegenwoordig producer van een groot reality-programma, waar 150 collega's leiding en magie van hem verwachten. Het uitstapje met RTL Nieuws ziet hij als aangename onderbreking van zijn dagelijkse routine. Terwijl we ons in een vol restaurant tegoed doen aan lam, varken, rund en kip op één bord trekt hij zijn overhemd uit. Daar kijkt niemand van op. Pas als hij zich omdraait en een vergeten RTL Nieuws-logo op zijn rug toont, heeft hij onze aandacht. Het t-shirt bewaart hij sinds we elkaar hebben leren kennen, ruim 22 jaar geleden. Dragan Stojkovic trekt het souvenir alleen uit de kast bij bijzondere gelegenheden.

Ik prijs me gelukkig met Pixie.

Dragan Stojkovic met het t-shirt van RTL Nieuws. Dragan Stojkovic met het t-shirt van RTL Nieuws.