Olaf Koens

Hotelkamer 515

25 oktober 2021 06:02

"Luister, ik heb een lange reis gehad. Het is laat, ik wil gewoon gaan slapen", zei ik nog tegen de receptioniste. Ik zag een aarzeling in haar gezicht, maar ook zij was moe. Het was kwart over vier 's nachts. Haar nachtdienst zat er nog lang niet op. Met lichte tegenzin gaf ze me de sleutel van kamer 515. "Welterusten", zei ze.

Het ging om een weekendje weg. Het idee was om vrijdagmiddag te vliegen, maar werk gooide roet in het eten. Dat gebeurt zo vaak dat ik tickets altijd flexibel boek. "Ik neem de nachtvlucht wel", zei ik tegen mijn vrouw. Ze vloog vooruit. Voor ze ging slapen in de provinciestad stuurde ze een bericht. "Ik doe het licht nu uit, ik zit in kamer 515, probeer me niet wakker te maken!"

In het dure hotel was het stil. De portier had ik afgewimpeld, ik had niet meer dan een simpele tas bij me. Ik deed de deur open en snel weer dicht. Met het licht van mijn telefoon pakte ik een stoel, trok mijn schoenen uit en wist mijn tandenborstel uit mijn tas te vissen.

"Pas in de badkamer besefte ik dat er iets niet in de haak was. Over de marmeren wastafel lag een keur aan make-upartikelen."

Met de kennis van nu moet ik bekennen dat het anders rook in de kamer. Er hing een wat zoetsappige geur, een vreemd parfum. Wie weet heeft ze een nieuw parfum gekocht op de luchthaven, dacht ik nog. Ik zag een paar pumps met hoge hakken. Mijn vrouw heeft die zo goed als afgezworen. Maar ik had ook nette schoenen meegenomen en die draag ik ook zelden.

Pas in de badkamer besefte ik dat er iets niet in de haak was. Over de marmeren wastafel lag een keur aan make-upartikelen. Er lag een krultang, een soort oogklem voor je wenkbrauwen, een beauty-case van twee verdiepingen.

In een reflex knipte ik het licht uit. De vrouw in het bed draaide zich om. Heel voorzichtig keek ik de hoek om. Daar sliep een vrouw, zeker. Maar niet mijn vrouw. Slaperig mompelde ze iets in een taal die ik niet herkende. Ik stopte de tandenborstel in mijn broekzak, vouwde de koffer geruisloos dicht en liep de hotelkamer uit.

"Ik had zo naast haar in bed kunnen kruipen. Ik bleef een tijdje luisteren op de gang."

Ik was opgelucht. Er waren verschrikkelijk veel scenario's waarin dit heel verkeerd af had kunnen lopen. Ik had de lichten aan kunnen zetten en de vrouw de schrik van haar leven kunnen bezorgen, ik had – nog erger – zo naast haar in bed kunnen kruipen. Ik bleef een tijdje luisteren op de gang.

Niets aan de hand, de hotelgast sliep. Toen pas realiseerde ik me dat ik op sokken liep. Nog één keer sloop ik de kamer in, greep mijn schoenen en snelde naar buiten. De vrouw draaide zich om, ik trok snel de deur dicht.

Terug bij de receptie was het misverstand snel opgehelderd. Er waren twee filialen van de hotelketen in de stad, ik was bij het verkeerde. "U heeft toch hopelijk niemand wakkergemaakt?" vroeg de receptioniste. "Ik denk het niet", antwoordde ik naar waarheid. Met een taxi ging ik naar het volgende hotel waar de sleutel van kamer 515 al lag te wachten op de balie. Ik deed de deur open, trok mijn schoenen uit en stond op het punt mijn tanden te poetsen toen mijn vrouw wakker werd.

"Wat ben je laat", zei ze. "Ja, sorry", zei ik. "Ik was mijn schoenen vergeten."

Olaf Koens (1985) is correspondent voor RTL Nieuws in het Midden-Oosten, met als standplaats Istanbul. Na zijn studie filosofie ging hij in 2007 als correspondent aan de slag in Moskou. In 2015 werd hij uitgeroepen tot journalist van het jaar. Hij schreef de boeken 'Koorddansen in de Kaukasus', 'Oorlog en kermis' en 'Paarden vliegen businessclass'.