Jeroen Akkermans

Warmte

18 oktober 2021 05:36

Bij het openen van de deur slaat de hitte in mijn gezicht. De temperatuur is smerig hoog in mijn hotelkamer. Ik hoef niet te zoeken naar de thermostaat of een knop op de radiator. Ik weet dat die ontbreken. Ik ben in Litouwen aangekomen, ooit deel van de voormalige Sovjet-Unie. De ongezonde warmte is een souvenir uit de bezettingsperiode van het communisme. De overgebleven 'Sovjethotels' nemen in de zachte herfst alvast een voorschot op winterse temperaturen. De gast heeft in zijn kamer niets te vertellen.

Ik heb enige ervaring opgebouwd met verspilling van kille hitte in privéruimtes. In mijn tijd als correspondent in Moskou heb ik jarenlang naast de verwarmingsbuis geslapen, die brandde van 1 september tot 1 april. De verwarming was centraal gestuurd, wat betekende dat de stad de temperatuur in alle gebouwen in de wijk reguleerde. Weer of geen weer.

Toen ik 20 jaar geleden in mijn stad kwam wonen, hoorden penetrante kolendampen in bepaalde wijken er gewoon bij.

In hartje winter was het geen verrassing om langs een woonflat te lopen waar de stoom uit de voordeur kwam. Nieuwsgierigheid trok mij de warme mistbank in, binnen zag je geen hand voor ogen. In de appartementen had het behang al losgelaten, bewoners keken televisie onder de dekens. De oorzaak van de ellende zat 'm meestal in een gesprongen verwarmingsbuis. Voor reparatie zou de hele wijk moeten worden afgesloten, wat bij zulke vriestemperaturen onverantwoord was. Dus ja, de bewoners die in een Turks bad waren ondergedompeld, hadden pech.

In Oost-Berlijn, de hoofdstad van het voormalige Oost-Duitsland, kon je de huiswarmte niet eens zo heel lang geleden al van grote afstand ruiken. Toen ik 20 jaar geleden in mijn stad kwam wonen, hoorden penetrante kolendampen in bepaalde wijken er gewoon bij. Bewoners waren gewend om 's ochtends in de kelder kolen te halen en met een emmer vol de trappen op te lopen om de kolenvoorraad in de kachel aan te vullen, dan was het 's avonds bij thuiskomst lekker warm. Mijn collega Norbert mist de aangename warmte die er in zijn oude woning hing.

In sommige gemeenten in Polen is de luchtverontreiniging zo goor als het roken van twee pakjes sigaretten per dag.

Berlijn kan maar geen afscheid nemen van de kachel. Duizenden woningen worden nog steeds op kolen gestookt. Maar de Berlijners kunnen het niet meer zo bont maken als de Polen. In Polen behoren de privéhuishoudens tot de grootste vervuilers. Daar gaan vooral op het platteland bruin-, en steenkool, hout of zelfs huisvuil de oven in. Als het maar brandt. Dikwijls hangt een dikke laag smog boven het gebied.

Ik ben wel eens met de 'smog-politie' op pad geweest die schoorstenen op gevaarlijke troep controleert. Maar ze hebben niets te vertellen omdat Polen geen limiet kent voor de uitstoot van schadelijke stoffen van huisovens. Nog altijd zijn bruin- en steenkool goed voor zo'n 70% van de stroomopwekking in Polen. De kolenstook blijft de goedkoopste en daarmee populairste manier van stoken in Polen. In sommige gemeenten is de luchtverontreiniging zo goor als het roken van twee pakjes sigaretten per dag. De Polen roken graag.

Ik doe dus mee aan de verontreiniging, maar dit gebeurt in de wetenschap dat de schoorsteen beter wordt nagekeken dan mijn gebit.

Toegegeven, thuis in Berlijn heb ik ook een trotse schoorsteen. Als ik in een warme bui ben, laat ik de rook van verbrand hout omhoogtrekken. Ik doe dus mee aan de verontreiniging, maar dit gebeurt in de wetenschap dat de schoorsteen beter wordt nagekeken dan mijn gebit. De schoorsteenveger komt met enige regelmaat aan huis met een staalborstel om de veiligheid en de uitstoot te controleren. In Duitsland heeft een schoorsteenveger het aanzien van een dokter. Hij kan levens redden.   

Tijd voor een frisse wind. In mijn bloedhete hotelkamer in Litouwen, zet ik de ramen tegen elkaar open. Achter het gordijn staat een elektrisch kacheltje op piepende wieltjes, voor als het te koud wordt.