Sandra Korstjens

Dag Brazilië

23 september 2021 05:57

Deze column was ooit bedoeld om mezelf te introduceren. Drie maanden lang, was in eerste instantie het idee. Maar die drie maanden werden uiteindelijk ruim acht jaar. Met meer dan 400 columns. Die waren de afgelopen jaren mijn uitlaatklep. Een plek om mijn gedachten te ordenen, gebeurtenissen te verwerken, me te verwonderen en boos te maken. Soms waren ze ook een bron van frustratie, als de inspiratie die week niet wilde komen.

Maar uiteindelijk was er altijd wel weer iets om over te schrijven. Dat is het mooie van Latijns-Amerika. Het continent is een onuitputtelijke bron van verhalen. En juist de verhalen, gebeurtenissen of gedachten die ik op televisie niet kwijt kon, mocht ik hier delen. Een cadeautje voor een journalist.

Veel van mijn columns zijn nog altijd actueel. Zo worden er helaas nog steeds vrouwen door hun partners in elkaar geslagen en gedood, gebruiken criminelen ook nu nog nare telefoontrucs om mensen geld af te troggelen, krijgen pasgeboren Braziliaanse babymeisjes nog altijd gaatjes in hun oren, houden Brazilianen er nog steeds lugubere humor op na en moet ik fitte zestigplussers ook nog gewoon voor laten gaan bij de bank en in de supermarkt. Zelfs het knuffelen komt intussen langzaam weer terug. En de extravagante kinderfeestjes laten denk ik ook niet lang meer op zich wachten.

"Ik werd opeens zelf lastiggevallen. Ik kan me goed herinneren hoe ik van woede stond te trillen op mijn benen."

Maar ik kan niet zeggen dat mijn standplaats Brazilië onveranderd is gebleven. Ik kwam aan in dit land aan het einde van een tijdperk van ongebreideld optimisme. Het leven was mooi, de Brazilianen voelden zich rijk. Over politiek werd op feestjes weinig gepraat. En felle discussies? Daar zaten de conflictvermijdende Brazilianen echt niet op te wachten.

Tot in 2013 opeens honderdduizenden Brazilianen de straat op gingen, uit onvrede over onder meer corruptie en inflatie. Ik herinner me dat ik me door een massa demonstranten in een metrostation in São Paulo worstelde. Plotseling begon iemand te roepen en al snel zong iedereen luidkeels: "Het volk is wakker geworden!" Het galmde door de tunnels en zorgde volgens mij bij iedereen voor kippenvel.

Tijdens die eerste weken van protest merkte ik voor het eerst iets van toenemende haat tegen journalisten. Toen diende mijn RTL-microfoon nog als een soort schild. De haat was nog niet gericht tegen buitenlandse journalisten. Dat was in 2018 helaas wel anders, toen Jair Bolsonaro de verkiezingen won. Ik werd opeens zelf lastiggevallen. Ik kan me goed herinneren hoe ik van woede stond te trillen op mijn benen.

"Naast alle serieuze problemen waar Brazilië mee kampt, zie ik mensen ook vooral snakken naar wat meer luchtigheid."

De conflictvermijdende Brazilianen die liever niet over politiek praten, bestaan nog steeds. Maar ze zijn een stuk zeldzamer geworden. Tijdens de pandemie kwam dat tot een hoogtepunt – of liever gezegd dieptepunt – toen buren scheldend op hun balkon stonden.

Maar wie weet zorgt het post-pandemische tijdperk toch weer voor een nieuw soort optimisme. Naast alle serieuze problemen waar het land mee kampt, zie ik mensen ook vooral snakken naar wat meer luchtigheid. Aan de verkiezingen van volgend jaar proberen veel mensen nog maar even niet te denken. Maar dat het een spannend verkiezingsjaar wordt, staat nu al vast.

Ik zal het zelf niet meer meemaken in Brazilië. Morgen vlieg ik terug naar Nederland en begin ik aan een nieuw hoofdstuk in mijn leven, buiten de journalistiek. Zonder mijn wekelijkse column, en dat zal best even wennen zijn. Maar het is mooi geweest. Voor mij althans. Want ik hoop natuurlijk dat iedereen Brazilië en Latijns-Amerika zal blijven volgen. Dit continent verdient onze aandacht. En de verhalen houden nooit op.