Olaf Koens

Zo waarlijk helpe mij God almachtig

05 juli 2021 05:47

De eerste les van het inburgeringsexamen van mijn vrouw was gelijk een harde. Ze was een dag eerder met de trein naar Ankara gereden. Ze had een nacht geslapen in een hotel in de buurt van de ambassade en stond stipt op tijd voor de deur. Haar naam stond niet op de lijst. Ze belde wanhopig. "Je moet de ambassadeur bellen", klonk het. "Of de tweede man. Die ken je toch? Je hebt toch wel een mobiel nummer? Dat examen begint over vijf minuten en de beveiliger hier laat me er niet in!"

Voorzichtig legde ik uit dat het vast een misverstand zou zijn en dat ik wel zou kunnen bellen, maar dat zoiets toch ongepast zou zijn. "Wat een onzin!" Mijn vrouw hing boos op. Tien minuten later belde ze opgelucht terug. Het inburgeringsexamen was niet op maandag, maar op woensdag. Ze was twee dagen te vroeg. 

Het waren de gebruiken en gewoonten die moeilijk te begrijpen waren: "Ik heb jou nog nooit in een kring zien zitten met allemaal mensen voor je verjaardag"

Achtenveertig uur liep mijn vrouw door de Turkse hoofdstad met een stapel aantekeningen. Nederlands sprak ze al, en goed ook, het waren de gebruiken en gewoonten die moeilijk te begrijpen waren. "Ik heb jou nog nooit in een kring zien zitten met allemaal mensen voor je verjaardag", zei ze. De vragen in de oefenmodule waren van een verfrissende simpelheid. Legitimeren doe je niet met een bankpas. In het ziekenhuis ga je naar de balie en vervolgens ga je rustig in een wachtruimte zitten. Schreeuwen om een dokter is – daar heb je 'm weer - ongepast. 

Als je ontslagen bent en de huur niet meer kan betalen is het niet de bedoeling om geld te lenen bij een kennis. Prima. Niet langer de huur betalen is ook geen optie. Blijft over: kleiner gaan wonen of huursubsidie aanvragen. Kleiner gaan wonen, zou je zeggen. Maar nee, het juiste antwoord blijkt: huursubsidie aanvragen. "Hoersubsidie", zei mijn vrouw. "Nee, húúrsubsidie!" Van de dertig vragen had ze er misschien een of twee fout. "Dan zal ik wel niet geslaagd zijn", dacht mijn vrouw. "Natuurlijk niet", zei ik. Ik legde het begrip zesjescultuur uit en haar inburgering was daarmee wat mij betreft voltooid. 

Na zevenendertig jaar eindelijk staatsburger van een land waar je wel mag zeggen en schrijven wat je denkt, waar je jezelf mag zijn.

Afgelopen vrijdag kreeg ze, hier op het Nederlands Consulaat in Istanbul, de Nederlandse nationaliteit in een naturalisatieceremonie die verdacht veel op een kringverjaardag leek. Mijn vrouw beloofde de grondwettelijke orde van ons kleine Koninkrijk, met alle rechten, plichten en vrijheden, getrouw te vervullen. Ik hoopte dat ze het zou afsluiten met 'Zo waarlijk helpe mij God almachtig', want dat klinkt zo prachtig ouderwets. "Dat verklaar en beloof ik", zei mijn vrouw, geboren in de goddeloze Sovjet-Unie. Het was een mooi en ontroerend moment. 

De inburgering en naturalisatie waren geslaagd, de nieuwste Nederlander kreeg bij de paspoortaanvraag nog een laatste harde les mee. De foto die ze een paar dagen eerder had laten maken was weliswaar van de juiste afmetingen, ze stond er lachend op. Dat kan natuurlijk niet. Het computersysteem accepteert geen lachende mensen, hoe trots en gelukkig ze ook mogen zijn met de Nederlandse nationaliteit. Na zevenendertig jaar eindelijk staatsburger van een land waar je wel mag zeggen en schrijven wat je denkt, waar je jezelf mag zijn. Deze morgen hebben we nieuwe foto’s laten maken. Het was moeilijk een glimlach te onderdrukken, maar het is gelukt. 

Olaf Koens (1985) is correspondent voor RTL Nieuws in het Midden-Oosten, met als standplaats Istanbul. Na zijn studie filosofie ging hij in 2007 als correspondent aan de slag in Moskou. In 2015 werd hij uitgeroepen tot journalist van het jaar. Hij schreef de boeken 'Koorddansen in de Kaukasus', 'Oorlog en kermis' en 'Paarden vliegen businessclass'.