Yesim Candan

Het getto met de hoeren en de junks

20 november 2020 05:54

Rotterdam, midden jaren 80. Soms loop ik met andere kinderen mee, maar heel vaak leg ik de weg naar school af in mijn eentje. Als ik de hoek om ga, zie ik ze al staan, de vrouwen in de korte rokjes, helemaal uitgemergeld, alsof het leven uit hen is getrokken.

In een hoekje zie ik een man een vlam van een aansteker onder een lepel houden – als kind heb je nog geen idee wat pooiers of heroïnehoertjes zijn, maar in mijn ogen is dit niets anders dan normaal. Langs de weg stopt een auto, één van de vrouwen praat even met de bestuurder door het opengedraaide raampje en stapt dan in, en weg rijden ze, de luwte in. Niet zelden krijgen de vrouwen hier ook harde klappen, terwijl wij kinderen erlangs lopen, op weg naar school.

"Ik groeide op met politie, drugdealers en tuig. Een tippelzone in een woonwijk, hoe verzin je het?"

Waarom heeft de gemeente destijds niet ingegrepen? Een tippelzone in een woonwijk, hoe verzin je het? Ik groeide op met politie, drugdealers en tuig. Op straat leer je de taal van de duisternis kennen. Er liepen altijd wel louche figuren door de buurt. Als kind wisten we ook al snel wie de kinderlokker was – die man kwam af en toe met ons praten als we weer in de struiken aan het spelen waren.

De school was ook hardcore getto, ik was een actrice uit de film Lord of the Flies. Tot overmaat van ramp zei de juf op een ochtend in de klas: "Olivia is niet meer bij ons." Mijn Kaapverdiaanse vriendinnetje, met wie ik vaak samen van of naar school liep, was door een auto overreden. Haar dood heeft veel impact op mij gehad. Mijn allereerste begrafenis was meteen die van mijn beste vriendin. Jarenlang heb ik mij schuldig gevoeld over haar dood.

"De bibliotheek was het walhalla voor mij. Ik las zo'n zeven boeken per week."

Om aan het leven van alledag te ontsnappen, ging ik naar de grote bieb in Rotterdam. De bibliotheek was het walhalla voor mij. Ik las zo'n zeven boeken per week. Daar is mijn passie ontstaan om te schrijven, dat weet ik gewoon zeker.

Onlangs, toen ik voor een tv-item bij omroep Rijnmond door mijn oude buurtje liep, ontdekte ik dat Anna Blaman, de bekende schrijfster, net als ik in de Vliegerstraat heeft gewoond, een paar deuren verderop zelfs. Vanaf die plek kijkt ze, in de vorm van een groot schilderij, met een rauwe blik de straat in, een sigaret in haar mond. Diep onder de indruk kijk ik naar haar. Als ik op het plakkaat lees dat ze net als ik een feminist was, maakt mijn hart een sprongetje; ik heb haar ziel overgenomen.

"Tante Liesbeth gaf mij de wereld, maar de wereld heeft haar afgenomen. Vandaag is haar begrafenis."

Mijn leven nam een compleet andere wending toen ik terechtkwam op het Rotterdamse Montessori Lyceum. De ouders van mijn vriendinnen wachtten na schooltijd thuis met een kopje thee op ze. En op mij. Ik wist niet wat me overkwam, bestond dit? De chique wijk Hillegersberg werd mijn tweede thuis. Vooral Elizabeth Mac-Lean-de Waard, de moeder van mijn oudste vriendin, stoomde mij daar klaar voor de toekomst, en leerde me onder andere etiquette- en fatsoensnormen. Ze gaf mij de wereld, maar de wereld heeft haar afgenomen. Vandaag is haar begrafenis.

Deze week is het de week van de kindermishandeling. Misschien een mooi moment om ook eens stil te staan bij al die kinderen die opgroeien in een getto. Ik realiseer me des te meer hoe essentieel de wijk is waarin je opgroeit: die is bepalend voor je toekomst. Het getto gaf mij bepaalde levenslessen, waardoor ik streetwise ben. Maar 'tante Liesbeth' gaf mij een leven…

Yesim lanceerde de term 'bicultureel' in de Nederlandse taal als alternatief voor 'allochtoon' en vindt een tweede cultuur een kracht en een meerwaarde voor het bedrijfsleven.