Sandra Korstjens

Kinderen staan achteraan in de rij

17 september 2020 05:55

Of ik zin had om weer naar Brazilië te gaan, vroegen verschillende vrienden en familieleden me afgelopen week. Normaal gesproken sta ik na een paar weken in Nederland altijd wel weer te trappelen. Al is het maar omdat Brazilië op dit moment de plek is waar ik mijn huis heb, met mijn eigen spullen, in 'mijn' buurtje. Maar deze keer voelt het toch anders.

Begin augustus kwam ik met mijn man en dochter naar Nederland. Na maanden van voornamelijk binnen zitten - zelfs de parken in mijn woonplaats São Paulo waren maandenlang gesloten - voelde Nederland als een soort paradijsje. Waar corona best ver weg leek. Natuurlijk zijn er maatregelen. Maar tegelijkertijd zag ik in Nederland vooral wat er wél mogelijk was. En van een simpel fietstochtje door het bos en een bezoek aan de kinderboerderij werden wij als gezin al ontzettend blij.

Maar terwijl onder meer winkelcentra, restaurants en sportclubs in São Paulo intussen wel weer open mogen, lijken scholen straks pas als allerlaatste aan de beurt te komen

Nu ik weer met mijn mondkapje op in het vliegtuig terug zit, is het dan ook even wennen. Niet zozeer aan dat stukje stof, maar vooral aan het idee dat ik zo meteen weer in een andere wereld uitstap. Waar niet alleen ik, maar ook mijn dochter van vier zodra we de deur uitgaan ons mondkapje op moeten zetten en waar de scholen nog altijd gesloten zijn.

Die scholen sloten in maart hun deuren, een week nadat ze in Nederland dicht gingen. Maar terwijl onder meer winkelcentra, restaurants en sportclubs in São Paulo intussen wel weer open mogen, lijken scholen straks pas als allerlaatste aan de beurt te komen. Een kwestie van verkeerde prioriteiten als je het mij vraagt. Want hierdoor staan dus ook de kinderen achteraan in de rij. 

Zo'n zeventig procent van de mensen is er op tegen om de scholen te openen

In Nederland wordt nog altijd het standpunt gevolgd dat kinderen slechts een beperkte rol spelen bij de verspreiding van het virus. Maar in Brazilië zien ze dat heel anders. Zo'n zeventig procent van de mensen is er dan ook op tegen om de scholen te openen zolang er geen vaccin is. En van duidelijk beleid is geen sprake. 

Elke deelstaat kent andere regels. En zelfs binnen de deelstaten verschilt het nu per gemeente. Zo mag het zoontje van een Nederlandse vriendin die in een andere gemeente woont sinds deze week eindelijk weer twee ochtenden naar school. Maar de burgemeester van São Paulo durft het nog niet aan. Begin november wordt nu als mogelijke datum genoemd. Maar het kan net zo goed volgend jaar worden.

Als ze geluk hebben krijgen ze nog wat online lessen

Intussen zitten miljoenen Braziliaanse kinderen thuis. En zij niet alleen. In heel Latijns-Amerika mogen 95 procent van de 150 miljoen leerlingen nog altijd niet naar school. Als ze geluk hebben krijgen ze nog wat online lessen. Als er tenminste middelen zijn om die te volgen en dat is voor arme gezinnen niet vanzelfsprekend. Dat het een verloren jaar is, daar is iedereen het wel over eens. En de gevolgen zijn groot. Experts waarschuwen voor nog grotere ongelijkheid, psychische problemen en toegenomen huiselijk geweld.

Met mijn eigen dochter gaat het gelukkig prima. Maar dat neemt niet weg dat het waarschijnlijk nog beter zou zijn als ze weer naar school kan. Ik zie eigenlijk maar één pluspunt op dit moment. Je zou namelijk misschien denken dat de sociale vaardigheden van je kind achteruit gaan door maandenlang niet naar school te gaan. Maar dat lijkt voorlopig geen probleem. Mijn dochter snakte juist zo naar contact met andere kinderen dat haar verlegenheid plotseling was verdwenen en iedereen enthousiast door haar wordt begroet. En ook thuis lijkt kletsen opeens haar grootste hobby. Het zal nog stil worden als ze weer naar school mag.