Pieter Klein

Wat besprak het kabinet over de zaak-Wilders?

30 juni 2020 03:13

Het is ruim twee jaar nadat RTL Nieuws voor het eerst vragen stelde aan het ministerie van Justitie en Veiligheid. Klopt het dat oud-minister Ivo Opstelten bij het Openbaar Ministerie (OM) aandrong op vervolging van Geert Wilders, wegens diens minder-Marokkanen-uitspraken van 12 en 19 maart 2014? Klopt het dat hij met die basstem van hem tegenover de hoogste OM-baas had gesuggereerd: breng me niet in de positie dat ik je een officiële aanwijzing moet geven om de PVV-leider te vervolgen? (Met andere woorden: regel het).

Het regende toen halve, niet-categorische ontkenningen. Non-denial denials. Net zoals bij het proces in eerste aanleg tegen de rechter werd gejokt dat er geen enkele afstemming of overleg was met de top van het ministerie. We dienden een verzoek in op grond van de Wet openbaarheid bestuur (WOB). Als antwoord kregen we: nee hoor, geen enkele politieke of ambtelijke bemoeienis. Niets. Er is maar één document. Een ambtsbericht van het College van procureurs-generaal van 10 september 2014, waarin de minister is geïnformeerd over het besluit van het OM om Wilders te vervolgen. Dat is alles.

"Topambtenaren, die van het OM een harde aanpak eisten van de 'kwaadaardige' Wilders"

Niet dus. We weten inmiddels hoe onwaar dit is. Het is een ontluisterend beeld. Er is sprake geweest van reeksen overleggen en afstemmingen, reeksen (pogingen) tot beïnvloeding, over waarvoor Wilders exact vervolgd moest worden, hoe hij moest worden aangepakt, hoe moest worden geanticipeerd op verweren van de verdediging. Topambtenaren, die van het OM een harde aanpak eisten van de 'kwaadaardige' Wilders, rechtstreekse ingrepen door de minister in persberichten, overleggen die geheim moesten blijven, meedenken met de processtrategie - meeprocederen, dus.

Er zijn honderden stukken opgedoken waaruit dit evident blijkt. Omdat het ministerie in de WOB-procedure van RTL Nieuws van een rechtbank de opdracht kreeg z'n huiswerk over te doen. Omdat de verdediging van Wilders, Knoops advocaten, in het lopende hoger beroep om documenten vroeg. Omdat de PVV Kamervragen stelde – net als andere fracties. Omdat het Hof het OM opdroeg een nieuw proces-verbaal over de waarheid op te maken. Omdat minister Grapperhaus geen andere weg meer zag dan extern onderzoek te laten doen, waarin weer meer ongerechtigheid opdook.

"Toen ik luisterde naar de opsomming was ik toch weer onthutst: hoe heeft die onverkwikkelijke beïnvloeding in rechtsstaat Nederland plaats kunnen vinden?"

De waarheidsvinding is hier dus stapje voor stapje afgedwongen, onder grote politieke en publicitaire druk. Gisteren, bij de zoveelste hervatting van het hoger beroep in de beveiligde rechtbank op Schiphol, kwam het allemaal weer voorbij. Toen ik luisterde naar de opsomming was ik toch weer onthutst: hoe heeft die onverkwikkelijke beïnvloeding in rechtsstaat Nederland plaats kunnen vinden? Wanneer horen we nu eindelijk het politieke oordeel van minister Grapperhaus over alle strapatsen in een strafzaak tegen nota bene een volksvertegenwoordiger, een oppositieleider?

Het OM blijft doodleuk betogen dat men zelfstandig tot het vervolgingsbesluit kwam, en dat de minister uitsluitend is geïnformeerd om zijn politieke verantwoordelijkheid voor het OM te kunnen dragen. Als ik naar de advocaten-generaal luister zou ik ze soms – bijna – geloven. Ze zeggen dat niets van die (pogingen tot) beïnvloeding bij de zaaksofficieren terecht is gekomen en dat die volkomen vrij zijn geweest in alle stappen die in het proces zijn gezet. En dat als er al iets op hun bureau belandde, dat ze dat in de prullenbak zouden hebben gegooid. Ik vermoed dat dit een halve waarheid is, waarachter een andere, ongemakkelijke waarheid schuilgaat.

"Ik durf er vergif op in te nemen dat het College hier flink heeft lopen meesturen bij de 'zelfstandige' beslissing van de zaaksofficieren, wetende wat minister Opstelten er allemaal van vond."

OM en ministerie hadden na het éérste Wilders-proces een gedeeld trauma: de strafvervolging waar het OM zelf niets in zag (maar minister Hirsch Ballin eigenlijk wél nodig vond) werd via een zogeheten artikel 12-procedure afgedwongen. Ik ben ervan overtuigd dat OM-baas Bolhaar en Ivo Opstelten dit in hun vertrouwelijke overleggen hebben besproken, en daarna namens Opstelten: een hoge ambtenaar. Niet nogmaals dit horrorscenario. Uiteraard liever geen formele aanwijzing van de minister – waar Opstelten impliciet mee dreigde – maar deze keer echt geen losse eindjes. En bovendien was de mindset dezelfde: Wilders had nu écht een grens overschreden. Zei Opstelten niet zelf dat de uitspraken 'walgelijk' waren?

De commandostructuur bij het OM loopt van College, naar de hoofdofficier van Justitie, naar de zaaksofficieren. Ik durf er vergif op in te nemen dat het College hier flink heeft lopen meesturen bij de 'zelfstandige' beslissing van de zaaksofficieren, wetende wat minister Opstelten er allemaal van vond. Geen losse eindjes. Vervolgen. Dus naast de aangetoonde rechtstreekse ambtelijke pogingen tot beïnvloeding, was er de officiële hiërarchische lijn. Deze onzichtbare hand kwam in actie toen de voorbereiding van een vervolgingsbeslissing begon te rafelen.

"Wat ontbrak hier? Aanzetten tot discriminatie"

De interne adviezen bij het OM waren namelijk niet eenduidig. De eigen discriminatie-experts betwijfelden of de 'minder-Marokkanen'-uitspraken wel strafbaar waren. Het OM Den Haag kwam tot de conclusie dat de iets mildere variant van de uitspraken op 12 maart niet strafbaar waren – je weet wel, de uitspraak waarvan topambtenaren vonden dat Wilders daarvoor wél moest worden vervolgd. Maar het OM Den Haag bereidde hier een sepot voor – de zaaksofficieren schreven er een 'concept-ambtsbericht' over, dat altijd een concept zou blijven. Een concept dat het College niet beviel – Wilders zou uiteindelijk voor beide uitspraken vervolgd worden. En in hoger beroep andermaal.

Gisteren, tijdens de zitting, viel er bij mij nog een kwartje toen het team-Knoops het (eerste) ambtsbericht van 10 september 2014 fileerde. Een voornemen tot vervolging van Wilders voor groepsbelediging en aanzetten tot haat. Wat ontbrak hier? Aanzetten tot discriminatie. Want, het OM Den Haag had namelijk geconcludeerd dat er 'onvoldoende aanknopingspunten' waren voor strafbaarheid wegens discriminatie – nog zo'n punt waar topambtenaren aandrongen wél te vervolgen. Wat maakte het College er vervolgens van? Dat een sepot 'niet aan te raden valt'. Waarom niet? Uit vrees dat degenen die aangifte hadden gedaan vervolging wegens discriminatie alsnog bij een rechter zouden afdwingen.

"Het riekt naar willekeur. Naar sturing van hogerhand. Naar andere motieven dan juridische."

En zo kwam het aanzetten tot discriminatie in de uiteindelijke tenlastelegging. En werd Wilders in 2016 door de rechter veroordeeld wegens groepsbelediging en – jawel – discriminatie. De koninklijke weg zou zijn geweest als het OM op dit onderdeel zelf vrijspraak zou hebben gevraagd, want naar de eigen, juridische overtuiging van het OM wás er helemaal geen sprake van discriminatie, want geen strafbaarheid. De advocaten-generaal zullen ongetwijfeld betogen dat sprake was van 'voortschrijdend inzicht', maar het lijkt me allemaal weinig magistratelijk. Het riekt naar willekeur. Naar sturing van hogerhand. Naar andere motieven dan juridische.

Exact dit punt van de vervolging wegens discriminatie is ook om een andere reden belangrijk. Het voert terug naar een bespreking in de ministerraad van de zaak-Wilders. Op 21 maart 2014. Waar premier Mark Rutte van Ivo Opstelten wilde horen of vervolging van Wilders 'kansrijk' zou zijn. De bespreking in de ministerraad waarover Opstelten later meinedig zou verklaren dat deze zaak juist níet zou zijn besproken. En waar hij in zijn verhoor verzuimde te vertellen dat zijn eigen topambtenaren hem de avond ervoor vertelden dat vervolging van Wilders 'geen schijn van kans' zou maken.

Wat besprak het kabinet over vervolging van Wilders? Over het wel of niet geven van een aanwijzing?

Wat stáát er in die notulen van de ministerraad? Wat besprak het kabinet over vervolging van Wilders? Over het wel of niet geven van een aanwijzing? We weten het niet. Het ministerie van Justitie en Veiligheid loog in de procedure van RTL Nieuws doodleuk tegen de rechtbank dat men die notulen niet heeft. Waarom zijn die notulen belangrijk? Omdat vice-premier Lodewijk Asscher op de persconferentie na aflloop van de ministerraad zei dat Wilders een grens over was gegaan, en op de vraag of het hier om discriminatie gaat: "In mijn ogen wel".

Geen wonder dat de verdediging van Wilders gisteren het Hof vroeg om inzage van de – geheime – notulen van de ministerraad. Is er een 'wat-als-het OM-niet-wil-scenario' besproken? Stond vast dat Wilders moest worden vervolgd wegens discriminatie? Het OM zal vast zeggen dat men niet over de notulen gaat, dat het niet relevant is. Dat is het dus wel. Een nieuw duivels dilemma voor het Gerechtshof, met andermaal de keuze tussen het maatschappelijk belang van een spoedig, finaal oordeel over omstreden uitspraken én het gerechtvaardigd belang van Wilders – én de samenleving – bij waarheidsvinding en recht.

Wordt vervolgd.