Olaf Koens

Voor het eerst weer naar buiten

22 juni 2020 06:03

Op de negende dag werd mijn thuisquarantaine ineens opgeheven. Ik las het op de Facebookpagina van een Turkse studentenvereniging. Alle quarantaines waren per direct opgeheven, dus ook de mijne. Ik belde de luchthaven, de vliegtuigmaatschappij, ik belde de gemeente. Niemand wist het zeker. 

De regels waren simpel, iedereen die uit het buitenland aankwam in Istanbul moest twee weken thuisblijven. Ik had er, negen dagen eerder, een reeks formulieren voor ondertekend en mijn adresgegevens achtergelaten. Ik tekende dat ik instemde met onaangekondigde controles, met het traceren van mijn mobiele telefoon. Maar nu waren de regels versoepeld. Wie het land in kwam hoefde niet langer thuis te blijven. En wie er nog thuis zat? Ja, daar had niemand aan gedacht. 

En wie er nog thuis zat? Ja, daar had niemand aan gedacht. 

Ik belde mijn huisarts. 'Nog een paar dagen thuisblijven kan geen kwaad', zei hij. Ik liet me doorverbinden naar het ministerie van volksgezondheid waar een ambtenaar de conclusie trok dat het beter was eerst mijn huisarts te raadplegen. Ik belde zeven keer terug, na anderhalf uur kreeg ik een man aan de lijn die met een zucht wist te melden dat het waar was. Mijn quarantaine was officieel opgeheven. 'Ga maar lekker naar buiten', zei hij.  

Ik had me, in alle eerlijkheid, op de thuisquarantaine verheugd. Niet alleen sliep ik voor het eerst in bijna drie maanden weer in mijn eigen bed, ik had ook nog eens het hele appartement voor mijzelf. Mijn vrouw en kinderen waren nog in Nederland, voor mijn werk mocht ik niet verder dan mijn eigen balkon. Eindelijk de tijd om de opslagruimte uit te ruimen, om een paar flinke boeken te lezen, om aan een roman te schrijven. Als ik iedere dag vroeg op zou staan, dagelijks push-ups en buikspieroefeningen zou doen en gezond zou eten kwam het zeker goed. 

Ik viel terug in een soort vrijgezellenbestaan.

De eerste nacht sliep ik als een prins. De tweede nacht kon ik de slaap niet vatten, de derde nacht voelde eenzaam en alleen. Ik viel terug in een soort vrijgezellenbestaan. Ik keek Homeland uit, liet per koeriersdienst sterke drank aanrukken, deed de afwas niet meer en at weinig anders dan de scherpe maaltijden van het Indiase restaurant dat sinds de crisis ook aan huis bezorgde. De fitness-app had ik al lang van mijn telefoon verwijderd. 

'Ga maar lekker naar buiten', zei de man van het ministerie. De flinke boeken had ik nog niet gelezen, van de roman was niet meer terechtgekomen dan een paar onleesbare aantekeningen. Ik ruimde de etensresten op, deed de afwas, schoor mijn baard weg en trok mijn mooiste pak aan. 

'Geniet er maar van', zei ze. 'Zolang het nog duurt.'

Het viel me op dat de straathonden niet mager waren geworden. Bij een café in Karaköy bestelde ik een dubbele espresso. Het was de eerste kop koffie in drie maanden die ik niet zelf had gezet. 'Wat ziet u er prachtig uit', zei de serveerster. 'Ik mag voor het eerst weer naar buiten', zei ik. Ik keek naar de koffie, naar de serveerster, naar de mensen die al lang geen afstand meer van elkaar houden. 'Geniet er maar van', zei ze. 'Zolang het nog duurt.'

Olaf Koens (1985) is correspondent voor RTL Nieuws in het Midden-Oosten, met als standplaats Istanbul. Na zijn studie filosofie ging hij in 2007 als correspondent aan de slag in Moskou. In 2015 werd hij uitgeroepen tot journalist van het jaar. Hij schreef de boeken 'Koorddansen in de Kaukasus', 'Oorlog en kermis' en 'Paarden vliegen businessclass'.