Susanne Uilenbroek

Een opstartprobleem

10 juni 2020 06:01

De wekker gaat, maar het lijkt alsof iedereen in hele huis, inclusief de hond, liever blijft liggen. Wekenlang hebben we uitgekeken naar het moment dat de scholen weer vijf dagen in de week alle kinderen welkom zouden heten, maar nu het eindelijk zover is, wordt de snooze-knop op de wekker nog een extra keer ingedrukt.

Terug naar het ijzeren ritme van wakker worden, ontbijten en naar school fietsen heeft ook zijn nadelen. Om zeven uur opstaan is er één.

Mijn negenjarige dochter draait zich nog een keer om, terwijl ze moppert dat ze veel te moe is voor school en dat ze de geplande toets ook best op de computer kan maken. Een waarheid als een koe, dat weten we sinds kort.

"Het eten smaakt veel beter rechtstreeks uit de keuken in plaats van uit een plastic bakje, maar dit kan financieel natuurlijk niet uit."

Ook voor het Thaise restaurant bij ons om de hoek zijn de versoepelingen van de coronamaatregelen geen onverdeeld succes. De eigenaar vindt het heus wel leuk om ons weer te zien, maar hij bekent eerlijk dat het verzorgen van alleen maar afhaalmaaltijden ook zijn voordelen had.

"Om acht uur ’s avonds waren we klaar en konden we gaan schoonmaken. Nu moet ik voor een handjevol gasten tot tien uur open blijven."

Een beetje bezwaard voel ik mij wel door zijn woorden. Ook wij zijn laat binnengekomen en bezetten pas het derde tafeltje. Het eten smaakt veel beter, zo rechtstreeks uit de keuken in plaats van uit een plastic bakje, maar dit kan financieel natuurlijk niet uit.

"Op de spiegel hangt een kaartje met het verzoek om bovenop de rekening een donatie te doen."

Bij de kapper zie ik een soortgelijk probleem. Ze zijn hartstikke druk, maar de wekenlange sluiting heeft er financieel ingehakt. Op de spiegel hangt een kaartje met het verzoek om bovenop de rekening een donatie te doen.

De kapster die mij knipt, durft er niet over te beginnen, dus laat ik mij maar een veel te dure conditioner aansmeren in de hoop dat daar veel marge op zit.

Positievere berichten komen uit de kledingwinkel. Na ongeveer twee maanden in dezelfde trui, pantoffels en spijkerbroek te hebben gelopen, besluit ik dat het tijd is voor iets nieuws. De opgewekte verkoopster meldt dat ik zeker niet de enige ben die dit jaar niet op de uitverkoop wacht. Ze heeft het de afgelopen weken erg druk gehad.

Het lijkt wel of haar glimlach elke keer een beetje groter wordt als ze kan zeggen: "Nee sorry, die hebben we niet meer in uw maat" of "Excuses, maar die is in het zwart ook al uitverkocht."

"De hond is naast huishond nu ook thuiskantoorhond."

Bij thuiskomst blijkt er één huisgenoot te zijn die de meeste moeite heeft met het versoepelen van de coronamaatregelen: onze hond.

Voordat de coronacrisis begon, kon hij prima een paar uur alleen zijn. Maar nu hij naast huishond ook thuiskantoorhond is, en eraan gewend is geraakt om de hele dag aan onze voeten te liggen en mee te luisteren met alle videovergaderingen, vindt hij alleen thuisblijven helemaal niks.

Hij begroet mij alsof hij mij dagen niet heeft gezien en ik bedenk mij dat het maar goed dat onze hond niet vertegenwoordigd is in het Outbreak Management Team. Dan zou een verdere versoepeling van de coronamaatregelen nog heel lang op zich laten wachten.