Jos Heymans

Door het stof

04 april 2020 06:00

Minister van Financiën Wopke Hoekstra ging dinsdag diep door het stof, Mark Rutte een dag later. Ze moesten wel; de felle kritiek op Nederland hield maar niet op. Italië, Spanje, Portugal en Frankrijk gingen tekeer over de vrekkigheid van het kabinet Rutte-3 dat had geweigerd financieel te hulp te schieten. Woedend waren ze over het gebrek aan solidariteit. In de Duitse pers verscheen zelfs een oproep: word geen Nederland! De leiders van de vier landen grepen elke gelegenheid aan om Hoekstra en Rutte aan de schandpaal te nagelen.

Als de Nederlandse bewindslieden hadden gedacht dat de storm van kritiek wel zou overwaaien, was dat een foute inschatting. De Europese Unie is juist opgericht om samen op te trekken, om samen de problemen te lijf te gaan en om elkaar te helpen. En dat is nou precies wat het kabinet niet doet.

Op economisch gebied verdient Nederland enorm aan die Europese samenwerking. De Spaanse minister van Buitenlandse Zaken merkte deze week op dat elke Nederlander voor ongeveer 5000 euro profiteert van de EU, een Spanjaard voor nog geen 2000 euro. En toch de hand op de knip houden; dat doe je niet.

'Dus help je partners in nood. Zoals Europese landen Nederland te hulp schoten bij de watersnoodramp van ‘53. '

De botte weigering van het kabinet om de zuidelijke lidstaten te hulp te schieten - want dát is het beeld dat in Europa blijft hangen - is in gewone tijden nog wel te begrijpen. De landen rond de Middellandse Zee hebben nu eenmaal de naam soepeltjes om te gaan met Europese financiële afspraken; begrotingsregels lappen ze vaak aan hun laars.

De starre houding van Nederland toen Griekenland tijdens de bankencrisis om geld vroeg, was daar een gevolg van. De Grieken hadden er zelf een puinhoop gemaakt; ze fraudeerden met hun begroting, slaagden er nauwelijks in belastingen te innen en weigerden mensen langer te laten werken om de economie te stimuleren. Dat de EU uiteindelijk met forse tegenzin toch over de brug kwam, was eigenbelang om de euro te redden.

Maar kom op. Er is nu wel iets anders aan de hand: het coronavirus overkomt de zuidelijke landen, net zoals het Nederland overkomt. Het is niet hun schuld. Dus help je partners in nood, zoals de Amerikanen Europa hielpen met het Marshallplan voor de wederopbouw na de oorlog en Europese landen Nederland te hulp schoten bij de watersnoodramp van ‘53. Of van jongere datum: bij de jacht op de verantwoordelijken voor het neerhalen van MH17.

'Het zal de woede zeker verzachten, maar de gierigheid van Nederland niet snel doen vergeten.'

Hoekstra gaf in zijn schuldbekentenis aan dat hij te weinig empathie had getoond voor de problemen van de zuidelijke lidstaten. Dat is verbloemd taalgebruik; hij heeft ze gewoon laten stikken. Nu de kritiek en de hoon maar niet verstommen, gooit het kabinet het over een andere boeg. Nederland wil plotseling een fonds om die landen te helpen; één miljard euro willen Hoekstra en Rutte geven, als gift. Er hoeft niets te worden terugbetaald. Het kabinet hoopt dat dit gebaar andere landen over de brug trekt om mee te doen. Het zal de woede zeker verzachten, maar de gierigheid van Nederland niet snel doen vergeten.

De houding van Nederland tijdens de jongste video-conferenties van de EU is niet alleen een politieke blunder, maar ook dom. Nederland profiteert als poort van Europa, met Schiphol en de havens, misschien wel het meest van de economische samenwerking. We exporteren heel veel goederen en diensten naar andere lidstaten. Daar hadden Hoekstra en Rutte kennelijk niet bij stil gestaan, toen ze dwars gingen liggen.

'De boosheid over de krenterigheid zit diep bij de zuidelijke lidstaten. Op onze bloemen zitten ze niet meer te wachten.'

Het zou weleens als een boemerang tegen je kunnen werken. Oud-directeur Nout Wellink van de Nederlandsche Bank riep deze week op tot solidariteit; we moeten de schulden die de Europese landen hebben gezamenlijk gaan dragen. Hij constateert dat Nederland geen rijk land meer is, als de zuidelijke lidstaten omvallen.

Maar ook als ze niet omvallen, krijgt de Nederlandse export een tik. De boosheid over de krenterigheid zit diep bij de zuidelijke lidstaten. Op onze bloemen zitten ze niet meer te wachten, dreigden verschillende buitenlandse politici.

Die moeten dan maar naar het Vaticaan. De paus kan beroepshalve niet rancuneus zijn.