Olaf Koens

'Ze sterven hier als vee'

02 maart 2020 07:43

In het holst van de nacht komt er een oude Mercedes het veldje opgereden. De koplampen verlichten de bomen langs de kant van de rivier. Terwijl de auto nog rijdt komt er een man in een leren jas uitgesprongen. "Goed, wie van jullie is er klaar voor? Willen jullie allemaal naar Griekenland? Mooi zo! Even luisteren? Jullie spreken toch wel Turks? Wij hebben alles klaar staan, en wel nu. Waar wij werken, daar zijn geen soldaten, is er geen politie. Ook aan de Griekse kant niet. Klaar voor? Nu betalen, is nu vertrekken!"

Een paar uur volg ik dan al een groep jongens uit Afghanistan, ze lopen rillend van de kou langs de dorpjes aan de Turks-Griekse grens. Ze hebben gehoord dat de grens open is, het is immers wat de Turkse president maar blijft herhalen. Aan de andere kant van de ijskoude rivier ligt Europa. Griekenland, dat kennen ze. Wat daarna komt weet het groepje niet. Het is Griekenland, en dan al vrij snel Frankrijk, Duitsland en Zweden.

"Wij zijn allemaal mensen die hun families zijn kwijtgeraakt."

Een van de jongens heeft niet eens een jas, hij loopt in een hoodie. "Wij zijn allemaal mensen die hun families zijn kwijtgeraakt", zegt hij. Hij wijst om zich heen. Vier andere jongens knikken. Sommigen zijn misschien net 20 jaar oud. "Ik bedoel, als we nog familie zouden hebben, dan waren we hier niet geweest. Maar wij zijn alleen. Mijn vader was een commandant in het leger, hij is om het leven gekomen. Mijn broer is onlangs overleden. Ik heb geld geleend om mijzelf te redden."

Een buurtbewoner komt zich ermee bemoeien. Hij legt de jongens uit dat er geen brug is, niet hier. Als je kunt zwemmen ben je er zo. "Ik kan alleen aan mijzelf denken, aan mijn toekomst", zegt de jongen. "Ik kan niet lezen of schrijven omdat ik nooit de kans heb gehad. Als ik ergens naartoe moet, schaam ik me dat ik moet vragen hoe, want vaak zeggen mensen: 'Kijk dan, het staat er toch?' Maar ik kan het niet lezen." Een van de inwoners van het dorp stuurt de jongens naar het theehuis om op te warmen. In het donker lopen ze over het landweggetje. "De gevaren zijn enorm", zegt hij als we de jongens nakijken. "Ze proberen over te steken met bootjes, soms zwemmend. Er gaan er een hoop dood, vaak ook kleine kinderen. Ze sterven hier als vee."

De ruiten zijn er beslagen. De kinderen krijsen, de vrouwen huilen.

De Afghanen lopen door het dorp. Het theehuis vinden ze niet. Ze kijken bij de moskee waar in het voorportaal een stuk of twintig Syriërs uit Idlib verblijven. De ruiten zijn er beslagen. De kinderen krijsen, de vrouwen huilen. De Afghanen lopen verder. Uren later kom ik ze weer tegen op het veldje. Een van de jongens moet onderhandelen met de mensensmokkelaar. "Kijk, nu is het weer goed", zegt de smokkelaar. "Waarom? Omdat het donker is. In de nacht kan alles. Je stapt de boot op, je steekt de rivier over. Zo simpel is het."

Aan de overkant klinken waarschuwingsschoten. "Blijf weg! Blijf weg!"

De smokkelaar trekt een balaklava over zijn neus. "Nu zijn alle deuren open", zegt hij tegen mij in het Duits. "Kijk, wij helpen die jongens, en zij helpen ons. Wij willen ze weg hebben omdat ze ons tot last zijn." Ik vraag hoeveel ze moeten betalen voor de oversteek. "Dat hangt er vanaf hoeveel geld ze in hun zakken hebben", antwoordt hij. "Er is geen specifieke prijs. We kunnen niet zeggen: 100 euro, of 200 euro. Vaak is het maar 10 euro." Het maakt niets uit. Het belangrijkste is: naar de overkant.

De jongens aarzelen, de smokkelaars dringen aan. "We gaan nu", klinkt het. Aan de overkant klinken waarschuwingsschoten. Door luidsprekers roepen de Grieken: "Blijf weg! Blijf weg!" In het donker zie ik dat twee jongens uit de groep Afghanen in de Mercedes stappen. De wagen stuift weg.

Olaf Koens (1985) is correspondent voor RTL Nieuws in het Midden-Oosten, met als standplaats Istanbul. Na zijn studie filosofie ging hij in 2007 als correspondent aan de slag in Moskou. In 2015 werd hij uitgeroepen tot journalist van het jaar. Hij schreef de boeken 'Koorddansen in de Kaukasus', 'Oorlog en kermis' en 'Paarden vliegen businessclass'.