Olaf Koens

Het mooiste wat ik ooit heb gezien

08 juli 2019 16:52

Het kinderdagverblijf zat in een lelijk pand in een veel te dure wijk. Het was er rommelig. De leidsters soms aardig, maar vaak bits. Er hing de weeïge geur van pap zonder krenten.

Ik bracht mijn dochter op de fiets. Vaak werden we afgesneden door ronkende stadsbussen, als een auto achter ons moest wachten werden we uitgescholden. Als het regende, en gelukkig regende het in dat land maar zelden, gingen we zelf met de auto. De straten in de dure wijk waren klein, de auto groot. Het verkeer stond muurvast.

Het was het eerste kinderdagverblijf waar mijn dochter naartoe is gegaan. Ze was nog geen twee jaar. In het begin huilde ze. Ze wilde niet alleen blijven. "Je moet weg", zeiden de bitse leidsters dan. Als ik de zware metalen deur achter me dichttrok, hoorde ik haar nog huilen. Soms stond ik op straat zelf ook te huilen.

"Ik moest iedere maand een klein maandsalaris betalen voor het kinderdagverblijf. Contant."

De andere ouders waren vervelend. De moeders uitgeput, de vaders chagrijnig. Ze waren bikkelhard. Soms schreeuwden ze tegen hun kinderen. Ze trokken de metalen deur achter zich dicht zonder zich een moment te bedenken. Een van de vaders was een Nederlander. Ik gaf hem een hand, stelde voor dat het misschien leuk was om onze kinderen samen te laten spelen. "Ik weet precies wie je bent", zei hij. "Ik wil niets met je te maken hebben."

En het moest betaald worden. Kinderbijslag of een schoolsubsidie kun je in het buitenland vergeten. Ik moest iedere maand een klein maandsalaris betalen voor het kinderdagverblijf. Contant. Het was te duur. In de avond keken we naar de bankafschriften. Misschien konden we het helemaal niet betalen.

In het begin was mijn dochter ongelukkig. Ze wilde niet naar school. Maar het moest. "Als jij er niet bent, papa, dan ben ik alleen", zei ze. Ik heb het opgeschreven. Later trok het bij. Soms keek ik van buiten en zag ik mijn dochter vrolijk spelen. Ze at de pap zonder krenten, ze knuffelde de bitse leidsters.

"Er lagen twintig kleine kinderen te slapen op twintig kleine matrasjes."

Een keer kwam ik te vroeg. Ik had me vergist. "Wat doe je hier?", vroeg een leidster. "Ik kom mijn dochter ophalen", zei ik. "Dat kan niet, ze slaapt", was het antwoord. En toen opende ze voorzichtig de deur naar de slaapzaal. Er lagen twintig kleine kinderen te slapen op twintig kleine matrasjes.

Ze sliepen op twintig kleine kussentjes, met twintig verschillende knuffels. Het waren Joodse kindjes, Arabische kindjes, er was een Frans kindje, een Amerikaans kindje, er waren twee Nederlandse kindjes. Allemaal sliepen ze, vredig en kalm. Het is het allemaal waard geweest. Het is het mooiste wat ik ooit heb gezien.

Olaf Koens (1985) is correspondent voor RTL Nieuws in het Midden-Oosten. Na zijn studie filosofie ging hij in 2007 als correspondent aan de slag in Moskou om verslag te doen over Rusland en de voormalige Sovjet-Unie. In 2014 is hij door Villamedia uitgeroepen tot Journalist van het Jaar. Koens heeft ook boeken geschreven: 'Koorddansen in de Kaukasus' en 'Oorlog en Kermis'.