Susanne Uilenbroek

Mag je een hond als je arm bent?

12 juni 2019 06:00

Arm is een rotwoord. Je noemt jezelf niet arm. Dat is negatief en voelt alsof je gefaald hebt. Je hebt het financieel moeilijk. Je hebt even geen werk of je zit tijdelijk krap bij kas. Mijn oma zei altijd: "De kindertjes in Afrika zijn arm." Arm gebruik je als je het over mensen hebt die je niet goed kent, niet als het over jezelf gaat of de mensen die dicht bij je staan.

Mijn oma moest rondkomen van AOW en een klein pensioen. Ze had hoge zorgkosten en kreeg allerlei toeslagen. Mijn moeder maakte elke maand geld naar haar over, zodat ze meer te besteden had. Maar mijn oma vond zichzelf absoluut niet arm en wij haar ook niet. 

In Nederland zijn afspraken gemaakt om armoede vast te stellen. Het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) en het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) hebben bepaald welke uitgaven in ons land tegenwoordig onvermijdelijk zijn en welk inkomen noodzakelijk is om die te kunnen betalen.

Miniatuurvoorbeeld
Lees ook:

Ook Nederlanders met modaal inkomen worstelen om rond te komen

Er is het basisbehoeftenbudget waar naast huur en voeding ook de kosten van televisie en telefoon zijn meegenomen en het niet-veel-maar-toereikendbudget waarin ook bedragen zijn opgenomen voor het ontvangen van visite of het lidmaatschap van een sportvereniging. Bij dat niet-veel-maar-toereikendbudget ligt de armoedegrens. Een grens die door de jaren heen kan veranderen en die is gebaseerd op zowel de ideeën van experts als van 'gewone Nederlanders'.

"Kijkers zullen alleen maar denken: doe die katten weg, dan heb je veel meer geld te besteden."

Huisdieren zijn niet opgenomen als onvermijdelijke uitgaven, maar er is geen wet die zegt dat jij jouw geld niet mag uitgeven aan een hond als je een laag inkomen of een uitkering hebt of toeslagen krijgt.

Toch vinden we daar van alles van. Net als van arme mensen die roken of drinken. Of die een grote televisie kopen of een nieuwe smartphone. Een collega verzuchtte bij de bespreking van een tv-item over armoede: "Kunnen we dan wel een arm gezin zonder vier katten met suikerziekte interviewen, want kijkers zullen alleen maar denken: doe die katten weg, dan heb je veel meer geld te besteden'."

Van een afstand is het natuurlijk altijd makkelijk om te bedenken hoe iemand zijn financiën op orde kan krijgen. Ik las over een moeder met een bijstandsuitkering die vertelde dat als haar uitkering binnenkomt ze als eerste pakjes drinken voor haar kinderen koopt, zodat ze die mee naar school kunnen nemen. Het eerste wat ik dacht was: wat is er mis met een beker water mee naar school?

"We gunnen AOW'ers veel meer dan mensen met een bijstandsuitkering." 

Hoogleraar Cok Vrooman van het SCP vertelde me aan de telefoon dat dit soort discussies teruggaan tot de 19de eeuw. Er werd toen al onderscheid gemaakt tussen armen die niks aan hun situatie konden doen en mensen die er zelf een potje van maakten door bijvoorbeeld een gok- of alcoholverslaving.

Miniatuurvoorbeeld
Doe de game:

Kom jij rond met weinig geld? Speel de game

Dat oordeel vellen we nog steeds. Zo gunnen we AOW'ers veel meer dan mensen met een bijstandsuitkering. Van mensen in de bijstand verwachten we een tegenprestatie, terwijl we ouderen bij bezuinigingen ontzien.

Niet alleen is er sociale consensus welke groepen we zieliger vinden dan anderen. Ook over waarvoor mensen wel en niet geld moeten hebben, zijn er breed gedragen ideeën, al veranderen die soms in de loop der tijd.

"Je kan niet zomaar zeggen dat huisdieren onzin zijn. Je mag wel enig mededogen tonen."

De armoedegrens is bijvoorbeeld bijgesteld omdat er nieuwe inzichten zijn over gezonde voeding. De kosten van een vaste telefoonlijn zijn enige tijd geleden al van het budget afgehaald, omdat die niet meer nodig zijn. Er is ook gesproken over huisdieren."Een doorsnee van de bevolking vindt deze kosten niet onvermijdelijk of heel wenselijk" vertelt Vrooman. "Daarom zijn ze niet opgenomen in de armoedegrens, die voor de gehele bevolking geldt. Maar individuele omstandigheden kunnen het bezit van huisdieren rechtvaardigen. Als ze troost of bescherming bieden bijvoorbeeld. Maar dan moet er wel minder geld aan andere dingen worden uitgegeven om niet onder de armoedegrens te belanden. Je kan niet zomaar zeggen dat huisdieren onzin zijn. Je mag wel enig mededogen tonen."

Miniatuurvoorbeeld
Bekijk ook:

'Ik moet 20 euro aan mijn kind vragen om boodschappen te doen'

Ik ben het met Vrooman eens. Mijn oma had een poedeltje en niemand heeft ooit gezegd dat dat een overbodige kostenpost was. Iedereen zag hoe belangrijk Jimmy voor haar was.

Dat de dierenartskosten best hoog waren en dat ze wekelijks een zak kauwstaafjes kocht voor de hond, was uiteindelijk haar keuze. Een beetje mededogen dus, voor die mensen die je niet kent en die het financieel moeilijk hebben, omdat wat je nodig hebt in het leven voor iedereen verschillend is.