Susanne Uilenbroek

Allemaal naar het circus

29 mei 2019 06:01

Het circus was in de stad. Op het grote veld waar normaal mensen de hond uitlaten en bootcampclubjes hun oefeningen doen, stond een rij caravans. Geitjes liepen los. Lama’s, kamelen, koeien en pony’s stonden binnen een omheining. De rood met witte circustent werd opgebouwd. Mijn dochter wilde de pony’s aaien, maar de lama brieste vervaarlijk en een hond blafte. De koe bonsde zo hard tegen het hek, dat ze elk moment kon uitbreken.

"We gaan zaterdag naar de voorstelling kijken”, beloofde ik mijn dochter om haar mee te krijgen bij de semi-wilde dieren vandaan.

Het circus is voor mij een mysterieuze wereld van vreemde rondtrekkende artiesten. Je bent welkom bij de voorstelling, maar tegelijkertijd zijn de circusmensen gesloten en op zichzelf. Dat mysterieuze is natuurlijk een belangrijke troef, want wie gaat er naar een voorstelling in een tent als er slechts ‘gewone mensen’ een optreden verzorgen?

Nu zijn er nog ongeveer twintig circusgezelschappen en verdienen ongeveer 250 mensen de kost als circusartiest.

De circuscultuur staat op de lijst met immaterieel erfgoed. De allereerste circusvoorstelling in Nederland werd in 1796 in Delft georganiseerd. Daarvoor traden artiesten op de kermis op. Vooral tussen 1945 en 1960 was het circus populair in Nederland. Nu zijn er nog ongeveer twintig circusgezelschappen en verdienen ongeveer 250 mensen de kost als circusartiest. Van die traditionele gezelschappen die rondreizen met caravans zijn er niet meer zoveel. Volgens Patrick Cramers van de stichting Circus Cultuur zijn er nog een stuk of vijf in Nederland.

"De uitdaging van levend erfgoed is dat het zich moet blijven ontwikkelen", zegt Cramers. "Daarom zijn er ook twee HBO-opleidingen die opleiden tot circusartiest. Studenten leren daar niet alleen hoe ze een circusact samenstellen, maar ook over de geschiedenis van het circus en ondernemerschap. Ongeveer 30 studenten per jaar studeren af als circusartiest. Je ziet dat er daardoor nieuwe concepten ontstaan." Cramers vertelt over moderne circusgezelschappen die voorstellingen maken die op festivals als Oerol of de Parade niet misstaan.

Haar man Dennis dresseerde de pony’s en kamelen, jongleerde, gooide met messen en stuurde twee lama’s en twee koeien de piste rond.

Bij mij in de stad was er geen sprake van een modern circus dat een superstrakke voorstelling in elkaar had gedraaid. De kaartjes moesten we contant afrekenen bij de snackkraam. In de tent praatte Steffie, die ook de kaartjes had verkocht, de show aan elkaar. Ze zou in de voorstelling ook optreden bij de clowns-, jongleer-, cowboy- en kamelenact. Haar man Dennis dresseerde de pony’s en kamelen, jongleerde, gooide met messen en stuurde twee lama’s en twee koeien de piste rond. Dochter Caitlinn van vijf jaar wierp kushandjes naar het publiek nadat ze had gehoelahoept en Valentino liet een hele rits honden de polonaise lopen. Helemaal aan het einde van de voorstelling deden ook de kinderen Jaslene van drie en Davinio van twee een kunstje.

Vorige week was in het programma Beau Five Days Inside te zien dat het er bij circus Renz International op vergelijkbare wijze aan toe gaat. De hele familie werkte dag en nacht om een voorstelling neer te zetten. Niet omdat het een baan is, maar omdat het hun leven is. En elke keer was er weer die spanning: komt er wel genoeg publiek?

“Circussen moeten echt met hun tijd meegaan. Ze moeten hun publiek serieus nemen en nadenken over nieuwe concepten en fatsoenlijke lonen."

Een simpele rekensom leerde dat in de circustent waar wij op zaterdagmiddag zaten een kleine 2000 euro werd omgezet. Verdeeld over pakweg vijf artiesten en met aftrek van kosten, rees bij mij de vraag hoe lang zo’n traditioneel circus kan blijven bestaan. Cramers van de stichting Circus Cultuur is sceptisch. "Ik zou niet in hun schoenen willen staan als ondernemer”, zucht hij. “Circussen moeten echt met hun tijd meegaan. Ze moeten hun publiek serieus nemen en nadenken over nieuwe concepten en fatsoenlijke lonen. Gelukkig is er een aantal die dat doen." 

Zo eenvoudig is het natuurlijk. Als het publiek niet meer wil betalen om vuurspuwers, jonglerende acrobaten en steigerende pony’s te zien, dan houdt het op voor de traditionele rondreizende circussen. Bij de familie Renz sloot Beau af met de woorden “allemaal naar het circus”. Ik kan mij daar slechts bij aansluiten: gaat dat zien! Zolang het nog kan.