Jos Heymans

Waar zijn de topvrouwen van het CDA?

18 mei 2019 06:00

Politiek columnist Jos Heymans over wat hem opvalt in de Haagse en Europese politiek.

Op de dag dat de invoering van het algemeen kiesrecht uitbundig wordt gevierd - honderd jaar geleden mochten vrouwen voor het eerst naar de stembus - barst binnen het CDA de discussie los wie Sybrand Buma gaat opvolgen als partijleider, nu de man naar Leeuwarden vertrekt om burgemeester te worden. Wopke Hoekstra en Hugo de Jonge zijn de meest genoemde kandidaten.

De naam van een vrouw valt nauwelijks; alleen die van Mona Keijzer en dan uitsluitend door zichzelf.

Alsof het CDA geen geschikte vrouwen in de gelederen heeft. Die zijn er wel, maar veel te weinig, constateert Nelleke Weltevrede in de Volkskrant. Ze was raadslid in Rotterdam, nu campagneleider bij het partijbureau. Ze somt op: de fractievoorzitter in Provinciale Staten van Zuid-Holland is een vrouw, de lijsttrekker van de CDA-delegatie in het Europarlement is een vrouw, de voorzitter van de jongerenbeweging is een vrouw. Daar houdt het wel op, ook al telt het vrouwenberaad van het CDA 2300 leden. Een scheve verhouding. De carrièredag voor vrouwen in het CDA, later deze maand, moet daar verandering in aanbrengen.

De fractie schoof na een geheim telefoonberaad Jan Peter Balkenende, de nummer 3, naar voren.

Ook in het kabinet heeft het CDA te weinig vrouwen. Ank Bijleveld, de enige vrouwelijke minister van CDA-huize, is een door de wol geverfde politica met grote bestuurlijke ervaring, heel wat meer dan Hoekstra en De Jonge. Toch is niet zij de vicepremier, maar Hugo de Jonge. En als minister van financiën staat Hoekstra ook hoger in de pikorde dan Bijleveld. Ook onder de staatssecretarissen telt het CDA maar één vrouw, de eerder genoemde Mona Keijzer.

In het verleden was het vrouwenaandeel beter vertegenwoordigd. Til Gardeniers, Yvonne van Rooy, Maria van der Hoeven, Agnes van Aardenne, Carla Peijs, Karien van Gennip, Marlies Veldhuijzen van Zanten, Gerda Verburg, Marja van Bijsterveldt, Clemence Ross om maar een paar ministers en staatssecretarissen te noemen. Maar ook toen ging het niet altijd van een leien dakje. Toen Jaap de Hoop Scheffer in 2001 als beoogd lijsttrekker aan de kant werd gezet, wierp Maria van der Hoeven zich publiekelijk op; ze stond immers op plek 2. Maar de fractie schoof na een geheim telefoonberaad Jan Peter Balkenende, de nummer 3, naar voren.

Mona Keijzer kwam met 127.000 voorkeursstemmen in de Tweede Kamer. Dat was zo’n beetje haar hoogtepunt; als Kamerlid en als staatssecretaris heeft ze weinig voor elkaar gekregen.

In 2012, na de val van Rutte-1, hebben CDA-vrouwen geprobeerd bij de leidersverkiezing de macht te grijpen. Liesbeth Spies, toch ook een ervaren minister, haalde niet meer dan 3,7 procent van de stemmen. Kamerlid Madeleine van Toorenburg zelfs niet meer dan 1,7 procent. Alleen nieuwkomer Mona Keijzer deed het goed, 26 procent, maar dat was nog altijd maar de helft van wat Sybrand Buma kreeg. Als beloning werd ze de nummer 2 op de lijst, en kwam met 127.000 voorkeursstemmen in de Tweede Kamer. Dat was zo’n beetje haar hoogtepunt; als Kamerlid en als staatssecretaris heeft ze weinig voor elkaar gekregen.

Keijzer schat haar kansen op het leiderschap hoog in, zoals Maria van der Hoeven dat destijds ook deed. Ook het tijdelijk fractievoorzitterschap, tot aan de volgende verkiezingen, lijkt niet voor haar weggelegd. Pieter Heerma, mede-onderhandelaar tijdens de formatie, wordt de grootste kanshebber genoemd. Ook de namen van Pieter Omtzigt, Madeleine van Toorenburg en Raymond Knops circuleren vaker dan die van Keijzer.

Het zal de vrouwen in het CDA ook deze keer niet lukken om het partijleiderschap te veroveren. Van Agt, Lubbers, Brinkman, Heerma (senior), De Hoop Scheffer, Balkenende, Verhagen en Buma; het waren vanaf de oprichting van de partij altijd mannen die de leiding pakten. En met de huidige topkandidaten, Hoekstra en De Jonge, zal dat niet anders worden.