Sjoerd den Daas

China sluit moslims op in geheime kampen

24 oktober 2018 17:15

RTL-Nieuws correspondent Sjoerd den Daas ging op zoek naar de Chinese heropvoedingskampen waar honderdduizenden, misschien wel een miljoen moslims vastzitten. Hij komt erachter dat het regime dat liever niet heeft.

De schattingen lopen uiteen, maar volgens door de Verenigde Naties betrouwbaar geachte cijfers gaat het om enkele honderdduizenden, misschien wel een miljoen Oeigoeren die hier tegen hun wil in worden vastgehouden in kampen. Daar verslag van doen is onmogelijk, zoveel is al snel duidelijk.

Miniatuurvoorbeeld
Lees ook:

Wie zijn de Oeigoeren en wat willen ze?

Al bij de aankomst op de luchthaven van Kashgar, bijna 4.000 kilometer van Peking, word ik opgevangen door een agent. Hij bladert door mijn paspoort heen en maakt een opmerking over mijn visum. 'Journalist', glimlacht hij vriendelijk. "Veel plezier in Kashgar!" Als ik de taxi instap zie ik dat een drietal camera's taxichauffeur en passagiers goed in de gaten houden.

Ik vraag mijn chauffeur naar een satérestaurant te rijden, niet ver bij een van de vermeende kampen vandaan. In paniek pakt hij de telefoon en voert hij een paar korte conversaties in het voor mij onbegrijpelijke Oeigoers. Niet lang daarna, een paar kilometer van mijn bestemming verwijderd, zet hij mij uit de taxi. Op dat moment heeft zich al een witte terreinwagen tegen onze achterbumper gekleefd.

"Er komt dadelijk een buitenlander voorbij. Blijf vriendelijk, zo klinkt het. Maar echt gezellig wordt het niet."

Een auto die me tijdens mijn trip niet meer loslaat zo merk ik later. Daar blijft het niet bij. Zeker vijf auto's, een aantal zonder nummerbord, zitten me constant op de hielen. In totaal tel ik zeker twaalf onbekende lieden, veelal mannen, die me overal volgen. Ze lopen door mijn beeld, om het daarna te laten verwijderen. Door de walkie-talkies hoor ik agenten, die op elke paar honderd meter een post hebben, met elkaar communiceren. "Er komt dadelijk een buitenlander voorbij. Blijf vriendelijk", zo klinkt het. "Gearriveerd hoor", knipoog ik naar de agenten. Maar echt gezellig wordt het niet.

Een checkpoint in Kashgar. Een checkpoint in Kashgar.

Zeker niet als ik de bus neem en me na lang doordrammen door een checkpoint heen wurm, waar Oeigoeren door een poort met gezichtsherkenningstechnologie worden geregistreerd. Daarna wordt de sfeer grimmiger. Aan boord weet ik me vergezeld door zeker twee observanten in burgerkleding. De bus wordt na enige tijd van de weg gehaald door meerdere politiebusjes met loeiende sirenes, de chauffeur en de passagiers moeten noodgedwongen terugkeren naar het checkpoint. Een tweede poging het checkpoint door te komen mislukt.

"Twee vriendelijk ogende dertigers zeggen me dat het onverstandig is rare capriolen uit te halen."

Op dag twee word ik bij het ontbijt opgewacht door dezelfde heren, van wie een deel bij mij op de gang heeft geslapen. Twee vriendelijk ogende dertigers die zich voorstellen als Thomas en Jerry vertellen me samen met een collega dat het onverstandig is opnieuw rare capriolen uit te halen. "Dan gaan er erg onprettige dingen met je gebeuren", luidt de waarschuwing. Ze dwingen me met hen mee te gaan om de toeristische binnenstad te bekijken, het gevolg kijkt mee en filmt me vrijwel de hele tijd.

Als ik Jerry vraag om zijn contactgegevens blijft het stil. WeChat, China's meest gebruikte social media-app, zegt hij niet te hebben. "Mag niet van mijn vrouw", zegt hij. Als hij even later met WeChat een paar flesjes frisdrank afrekent voelt hij zich betrapt als ik hem daarop wijs. Ik moet er wel om glimlachen, maar een reactie komt er niet. Een man die constant met een camera volgt zegt dat hij een toerist is, die wil leren van mijn cameraskills. Ik vertel hem dat ik hem graag eens advies geef, maar dat ik overdag toch vooral mijn werk zonder pottenkijkers probeer te doen.

"Ik beroep me op maagproblemen om hier en daar nog wat tijd te kunnen rekken"

Fysiek worden de lieden nooit, intimiderend is het soms wel. Ook op het toilet, waar ik constant probeer mijn beelden die ik met mijn mobiele telefoon schiet zo snel mogelijk veilig te stellen, word ik achtervolgd. De schotten zijn soms hoog genoeg om even uit het zicht te verdwijnen, vaker niet. De beelden via internet versturen lukt meestal niet, uit veiligheidsredenen is 4G nog niet uitgerold in Xinjiang. Ik beroep me op maagproblemen, om hier en daar nog wat tijd te kunnen rekken.

De grootste moskee in Kashgar is alleen nog open voor toeristen, lange baarden zijn passe. Op sommige plekken zijn de halve manen van de gebedshuizen verdwenen, de islam wordt uitgeroeid. Propaganda dicteert in het straatbeeld, waar Oeigoeren regelmatig gestopt worden. Dan moeten ze hun telefoon laten zien, waar verplicht spyware op is geïnstalleerd, of wordt de gezichtsherkenning ingezet. De Han-Chinezen, en niet Oeigoers-ogende buitenlanders als ik mogen in de meeste gevallen doorlopen bij de kleinere checkpoints.

"Voor mij kent dit surrealistische spel een einde. Voor Oeigoeren is het alledaagse kost"

Tot in het vliegtuig word ik achtervolgd, op mijn volgende bestemming blijkt dat de overdracht tussen de diensten goed is verlopen. Opnieuw wordt veel mankracht ingezet, opnieuw ben ik nooit alleen. Maar ik sterk me met de gedachte dat dit surrealistische spel, dat in de meeste andere Chinese provincies meestal niet zo hard wordt gespeeld, voor mij een einde kent. Voor veel Oeigoeren is het alledaagse kost. De angst in hun ogen als ik ze probeer te benaderen spreekt boekdelen, in een regio waar elk contact met een buitenlander al kan leiden tot opsluiting. Niet loyaal aan de partij, heet dat dan.

Oeigoeren worden verantwoordelijk gehouden voor dodelijk terreur

China heeft meerdere terroristische aanslagen gekend, onder meer in 2013 en 2014, waarbij tientallen mensen om het leven zijn gekomen. De ruim 10 miljoen Oeigoeren worden daar nu de facto voor verantwoordelijk gehouden. Mensenrechtenorganisaties spreken van culturele zuiveringen, waarbij de Oeigoeren onder erbarmelijke omstandigheden in interneringskampen hun identiteit vaarwel moeten zeggen en trouw moeten zweren aan de communistische partij. Sommigen zitten naar verluidt enkele dagen vast, anderen komen er al jaren niet meer uit.

Tot voor kort ontkende China het bestaan van de interneringskampen, maar sinds afgelopen maand heeft de overheid de ‘heropvoedingscentra’ gelegaliseerd. China zegt dat het gaat om centra voor beroepsonderwijs die bedoeld zijn om extremisme uit te roeien en Oeigoeren betere kansen moeten geven op de arbeidsmarkt. Een reportage van staatszender CCTV moet dat verhaal onderschrijven. Daarin zijn studenten te zien in een heropvoedingscentrum in Hotan, Zuidwest-China.

"De overheid heeft me op tijd gered"

Gedetineerden studeren daar onder meer voor houtbewerker, zo doet de spreekbuis van de communistische partij de kijker geloven. Een van de gedetineerden vertelt dat ze de partij erg dankbaar is. "Als ik hier niet had kunnen studeren, zou ik niet weten waar ik was geëindigd. Misschien had ik de religieuze extremisten gevolgd en was ik het criminele pad opgegaan. De overheid en de partij hebben me op tijd gered."